"Zijn hart bleef zacht" vertelt het indrukwekkende levensverhaal van de Chinese voorganger Samuel Lam (1924–2013), die ondanks jarenlange gevangenschap en vervolging zijn geloof in Jezus Christus bleef belijden.
Lam groeide op in een gelovig gezin. Tijdens de communistische machtsovername in China weigerde hij zich aan te sluiten bij de staat gecontroleerde Drie-Zelf-Kerk en begon in Guangzhou een huisgemeente. Dit leidde tot arrestaties, verhoren en zware dwangarbeid van in totaal meer dan twintig jaar.
In gevangenschap vond hij kracht in gebed en Bijbelteksten die hij uit zijn hoofd kende. Zelfs onder erbarmelijke omstandigheden leidde hij medegevangenen tot geloof. Na zijn vrijlating hervatte hij zijn werk als predikant. Zijn huisgemeente groeide uit tot honderden leden, ondanks voortdurende bedreiging door de overheid. Lam werd wereldwijd bekend en ontmoette o.a. Billy Graham en werd genoemd in de Washington Post.
Het boek toont de veerkracht van de vervolgde kerk in China en stelt indringende vragen aan westerse lezers over geloof, lijden en volharding. Lams leven getuigt van een diepe verbondenheid met Christus – ook in teleurstellingen, zwakte en eenzaamheid. Zijn hart bleef zacht. Zijn geloof onverwoestbaar.
Dominee Samuel Lam (1924-2013) was zoon van een baptistenpredikant en kwam zelf al op jonge leeftijd bewust tot geloof. Toen de communisten in 1949 de macht grepen in China, onder leiding van Mao Zedong, leidde Lam een gemeente in Guangzhou. In 1955 werd hij voor het eerst gevangengezet, en in 1958 opnieuw. Deze gevangenschap zou twintig jaar duren. Hij werd gearresteerd vanwege zijn weigering zich aan te sluiten bij de overheidskerk, de Drie-Zelfkerk. Hij werd tewerkgesteld in een strafkamp, in een kolenmijn, maar ook daar bleef hij mensen vrijmoedig vertellen over zijn Heer.
Toen hij in 1978 vrijkwam, bleek zijn vrouw gestorven te zijn. Ondanks deze verdrietige gebeurtenis en ondanks de dreiging en tegenwerking vanuit de Chinese overheid, besloot hij meteen opnieuw de kansel op te gaan. ‘Als ik nu toegeef, zouden mijn jaren in gevangenschap vergeefs zijn geweest.’ Zijn huisgemeente in Guangzhou groeide uit tot een levende gemeenschap van meer dan duizend mensen.
'Hoe zou God ons, mij, kunnen gebruiken als wij net zo sterk en trouw zouden zijn als Samuel Lam?' vraagt Anne van der Bijl zichzelf en de lezers in zijn voorwoord.
Toen hij in 1978 vrijkwam, bleek zijn vrouw gestorven te zijn. Ondanks deze verdrietige gebeurtenis en ondanks de dreiging en tegenwerking vanuit de Chinese overheid, besloot hij meteen opnieuw de kansel op te gaan. ‘Als ik nu toegeef, zouden mijn jaren in gevangenschap vergeefs zijn geweest.’ Zijn huisgemeente in Guangzhou groeide uit tot een levende gemeenschap van meer dan duizend mensen.
'Hoe zou God ons, mij, kunnen gebruiken als wij net zo sterk en trouw zouden zijn als Samuel Lam?' vraagt Anne van der Bijl zichzelf en de lezers in zijn voorwoord.